Digitalisering

Je hebt software gekocht en niemand op de bouw gebruikt hem

Door Sam Niezen4 minuten lezen

Kort antwoord

Software mislukt op de bouw zelden door de software. Hij mislukt omdat invullen werk kost voor de man op de steiger en oplevert voor het kantoor. Zolang die rekening niet klopt, stopt hij ermee zodra het druk wordt. En het is altijd druk.

Het patroon dat je waarschijnlijk herkent

In januari tekende je voor een pakket. Iedereen kreeg een inlog, er was een uurtje uitleg in de kantine, en de eerste week ging het goed. In maart vul jij het in je eentje. Je uitvoerder appt je de uren nog steeds, en de bonnen liggen weer op het dashboard van de bus.

Dit gaat bij bouwbedrijven vaker mis dan goed. De software werkt, de leverancier heeft niets fout gedaan, en toch ligt het stil. Dat komt doordat de aandacht naar het verkeerde ding gaat: naar wat het pakket allemaal kan, in plaats van naar wat invullen kost.

Bij de demo zag je rapportages, dashboards en een module voor nacalculatie. Wat je niet zag is het scherm waar je timmerman elke dag doorheen moet.

Wie betaalt en wie krijgt

Reken het eens uit vanaf de steiger. Je timmerman moet aan het eind van de dag zijn uren invoeren. Dat kost hem twee minuten, zijn handen zijn vies, en hij moet een klus opzoeken in een lijst waarin de projecten anders heten dan hij ze noemt. Wat levert het hem op? Niets. Het levert jou een nacalculatie op.

Zolang die verdeling zo staat, houdt hij het vol tot het druk wordt. Dan kiest hij voor de klus en tegen de invoer, en dat is de juiste keuze. Jij zou hetzelfde doen.

Systemen die wel blijven draaien hebben die rekening omgedraaid. De man die invult krijgt er iets voor terug. Hij hoeft zijn bonnen niet meer te bewaren. Hij krijgt zijn werkbon vooraf op zijn telefoon, met het adres en de contactpersoon erbij. Hij hoeft jou niet meer te bellen om te vragen of die kozijnen nou al geleverd zijn.

Vraag bij de volgende demo niet wat het systeem kan. Vraag wat de man op de bouw eraan heeft. Blijft het antwoord hangen bij betere rapportages voor de directie, dan weet je hoe het afloopt.

De test met handschoenen aan

Er is een korte manier om te zien of iets op de bouw gaat werken. Kan hij het doen met een hand, met handschoenen aan, staand in de regen, binnen twintig seconden?

Een foto maken en versturen haalt die test. Inloggen, project zoeken, uursoort kiezen, opslaan haalt hem niet. Daarom blijft WhatsApp het winnen van elk pakket dat je koopt. Niet omdat het beter is, maar omdat het de enige plek is waar hij toch al zit.

Dat is geen argument om alles via WhatsApp te blijven doen. Het is een argument om te kijken waar de gegevens ontstaan, en daar te beginnen in plaats van er een scherm naast te zetten.

Wat er meestal ontbreekt aan de invoering

Bij de invoering gaat de aandacht naar instellingen, gebruikers en koppelingen. Naar het kantoor dus. Wat er zelden gebeurt: iemand loopt een dag mee met de ploeg en kijkt waar de gegevens vandaan moeten komen.

Doe je dat wel, dan vind je meestal drie of vier plekken waar informatie ontstaat. Een appje naar de uitvoerder. Een foto van de meterkast. Een bon die in het dashboard belandt. En een afspraak die op de bouw wordt gemaakt en nergens wordt opgeschreven.

Elk systeem dat die vier plekken negeert en een nieuw invoerscherm toevoegt, maakt het aantal plekken vijf. Je hebt dan niet gedigitaliseerd, je hebt een plek bijgebouwd.

De tweede plek waar het misgaat is de eigenaar. Bij bedrijven waar het blijft draaien is er iemand die het systeem van zichzelf vindt en er elke week naar kijkt. Is die er niet, dan valt het binnen een paar maanden stil, hoe goed het pakket ook is.

Wat je kunt doen zonder iets nieuws te kopen

Begin bij een ding en bij een persoon. Niet bij het hele bedrijf en niet bij alle modules. Pak het onderdeel waar je het meeste last van hebt, laat het twee weken lopen bij iemand die het wil, en kijk of het blijft draaien als het druk wordt.

Blijft het draaien, dan breid je uit. Stopt het, dan weet je na twee weken waarom, en dat is een goedkopere les dan een jaar meebetalen aan iets dat niemand opent.

Meet ook iets eenvoudigs: hoeveel van de ploeg vult het na drie weken nog in. Dat getal zegt meer dan elk rapport uit het systeem zelf.

Wij werken zo omdat het de enige manier is die we hebben zien werken. Wat er binnenkomt via de app, de mail of de telefoon wordt verwerkt zonder dat iemand op de bouw een extra scherm hoeft te openen. Zo gaat dat in vier stappen.

Veelgestelde vragen

Ligt het dan nooit aan de software zelf?

Soms wel. Een pakket dat traag is of op een telefoon onwerkbaar wordt, krijg je met geen enkele invoering aan de praat. Maar bij de meeste bedrijven die vastlopen werkt het pakket prima op kantoor en niet op de bouw, en dat is een ander probleem.

Moeten we dan maar terug naar WhatsApp en papier?

Nee. Het punt is dat je het werk niet naar de bouw verplaatst. Laat de gegevens binnenkomen waar ze toch al ontstaan, en zorg dat ze daarna zelf op de goede plek terechtkomen.

Hoe weet ik of onze invoering gaat lukken?

Kijk na drie drukke weken. In een rustige week doet iedereen mee. Wat er overblijft als het tegenzit, is wat je echt hebt.

We zitten vast aan een jaarcontract. Wat nu?

Kijk dan welk deel wel gebruikt wordt en houd dat. Bij de meeste bedrijven draait een of twee onderdelen prima en ligt de rest stil. Dat is geen mislukking, dat is een kleiner systeem dan je had gekocht.

MKB Bouwversnellers Geschreven in Amersfoort, voor bouwbedrijven in heel Nederland.

Eerst zien of het bij je past?

Je hoeft niets om te gooien om te beginnen. Zet je bedrijf op de wachtlijst, dan ben je als eerste aan de beurt en betaal je de eerste maand niets. Geen contract, geen opzegtermijn.

Op de wachtlijst